Vragen over jeugdzorg in Boxtel

 

Aan: College van B&W

Betreft: Schriftelijke vragen ex. Art. 37 RvO betreffende Jeugdzorg

Boxtel, 12 oktober 2017

Dezer dagen verscheen een onderzoek betreffende de zorgen die er leven bij veel raadsleden in de Nederlandse gemeenten met betrekking tot de jeugdzorg. Het is lastig voor raadsleden om greep te krijgen op de drie decentralisaties, maar met betrekking tot de jeugdzorg en zijn complexe stelsel heeft men het gevoel er eigenlijk onvoldoende tot geen zicht op te hebben. Dat is ronduit zorgelijk.

De zorgen betreffen met name de organisatie en administratieve last, het budget, de kwaliteit en de toegankelijkheid.

Op grond daarvan legt de fractie PvdA GroenLinks de volgende vragen aan u voor.

  1. De administratieve last in de complexe organisatie van de jeugdzorg is groot: contracten, beschikkingen, declaraties, verantwoordingsrapporten.

Lukt het het college eenvoud aan te brengen en de administratieve last te verminderen?

  1. Het hanteren van de aanbestedingsprocedure maakt dat jeudzorginstellingen vele uren kwijt zijn met het schrijven van offertes ten koste van uren besteed aan de directe zorg.

Is dit ook in onze regio aan de orde? Waar staat het college met betrekking tot deze zorg?

  1. De ambities van de jeugdzorg moeten nu door gemeenten gerealiseerd worden terwijl er tegelijkertijd bezuinigingen zijn doorgevoerd.

Ziet het college desondanks mogelijkheden om de gestelde ambities waar te kunnen maken?

  1. Het is lastig voor ons als fractie om de kwaliteit van de jeugdzorg te kunnen meten.

Welke inspanningen verricht u als college om de resultaten van de jeugdzorg voor ons als raad zichtbaar en meetbaar te maken?

  1. Het is bekend dat in sommige regio’s wachtrijen langer worden, dat de toegang tot de specialistische zorg niet meer gewaarborgd is en dat instellingen hebben moeten sluiten.

Is dit risico ook in onze regio aanwezig?

  1. In meerdere regio’s groeit er een stelsel van enkele hoofdaannemers en specialistische onderaannemers, waarbij de gemeenten het risico lopen afhankelijk te worden van enkele grote zorgaanbieders.

Is deze tendens ook in onze regio waarneembaar? Wat is in deze het oordeel van het college?

Graag zien wij uw beantwoording tegemoet,

met vriendelijke groet,

Anja van den Einden

Nico Bulter

 

 

 

 

Aan: College van B&W

Betreft: Schriftelijke vragen ex. Art. 37 RvO betreffende Jeugdzorg

 

Boxtel, 12 oktober 2017

Dezer dagen verscheen een onderzoek betreffende de zorgen die er leven bij veel raadsleden in de Nederlandse gemeenten met betrekking tot de jeugdzorg. Het is lastig voor raadsleden om greep te krijgen op de drie decentralisaties, maar met betrekking tot de jeugdzorg en zijn complexe stelsel heeft men het gevoel er eigenlijk onvoldoende tot geen zicht op te hebben. Dat is ronduit zorgelijk.

De zorgen betreffen met name de organisatie en administratieve last, het budget, de kwaliteit en de toegankelijkheid.

Op grond daarvan legt de fractie PvdA GroenLinks de volgende vragen aan u voor.

  1. De administratieve last in de complexe organisatie van de jeugdzorg is groot: contracten, beschikkingen, declaraties, verantwoordingsrapporten.

Lukt het het college eenvoud aan te brengen en de administratieve last te verminderen?

  1. Het hanteren van de aanbestedingsprocedure maakt dat jeudzorginstellingen vele uren kwijt zijn met het schrijven van offertes ten koste van uren besteed aan de directe zorg.

Is dit ook in onze regio aan de orde? Waar staat het college met betrekking tot deze zorg?

  1. De ambities van de jeugdzorg moeten nu door gemeenten gerealiseerd worden terwijl er tegelijkertijd bezuinigingen zijn doorgevoerd.

Ziet het college desondanks mogelijkheden om de gestelde ambities waar te kunnen maken?

  1. Het is lastig voor ons als fractie om de kwaliteit van de jeugdzorg te kunnen meten.

Welke inspanningen verricht u als college om de resultaten van de jeugdzorg voor ons als raad zichtbaar en meetbaar te maken?

  1. Het is bekend dat in sommige regio’s wachtrijen langer worden, dat de toegang tot de specialistische zorg niet meer gewaarborgd is en dat instellingen hebben moeten sluiten.

Is dit risico ook in onze regio aanwezig?

  1. In meerdere regio’s groeit er een stelsel van enkele hoofdaannemers en specialistische onderaannemers, waarbij de gemeenten het risico lopen afhankelijk te worden van enkele grote zorgaanbieders.

Is deze tendens ook in onze regio waarneembaar? Wat is in deze het oordeel van het college?

Graag zien wij uw beantwoording tegemoet,

met vriendelijke groet,

 

Anja van den Einden

Nico Bulter

Vaardigheden

Gepubliceerd op

oktober 12, 2017

Reactie verzenden

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *